Burgers, bedrijven en hun advocaten moeten vanaf 2015 verplicht digitaal gaan procederen. Daarmee moet de rechterlijke macht toegankelijker worden. Minister van Justitie Ivo Opstelten (VVD) heeft het wetsvoorstel waarin dit wordt geregeld donderdag voor advies gestuurd naar verschillende instanties.




Digitaal procederen bij de civiele rechter en bestuursrechter wordt verplicht voor professionele partijen, zoals ondernemers of advocaten en deurwaarders. Voor burgers die zonder advocaat naar de rechter stappen wordt een uitzondering gemaakt: zij mogen ook papieren stukken blijven indienen. Dit voorkomt problemen voor het geval zij niet over de juiste middelen of vaardigheden beschikken.




Opstelten kondigde de digitalisering van de rechtspraak in juni al aan in een brief aan de Tweede Kamer. De hele operatie wordt vanaf 2015 stapsgewijs doorgevoerd. Het grote voordeel is dat rechters en griffiers minder tijd zijn aan bureaucratie. Voortaan zijn papieren dossiers niet meer nodig; er wordt voortaan een digitaal dossier aangelegd.




Wie naar de rechter stapt, kan de voortgang van het proces dan makkelijk volgen. Via hetzelfde dossier wordt de rechtzoekende ook geïnformeerd over een rechtelijke uitspraak of beslissing. Volgens Opstelten krijgen ook rechters met de nieuwe manier van procederen meer invloed op het verloop van de procedure. Bovendien is de nieuwe procedure sneller en goedkoper.




Het strafrecht wordt voorlopig buiten beschouwing gelaten. Reden is dat de procedures die worden gevoerd bij het civiele recht en het bestuursrecht makkelijker op elkaar zijn af te stemmen, licht een woordvoerder toe. De inrichting van het strafrecht is totaal anders, met andere regels en andere verhoudingen tussen partijen. Het is wel de bedoeling dat in het strafrecht op termijn ook digitaal wordt geprocedeerd. Zo werkt Opstelten al aan een voorstel voor elektronische strafdossiers.



© Novum 2013