Ik fiets door een nagenoeg lege stad. Het is dinsdagavond 8 uur. De mensen die ik tegenkom haasten zich naar de stad dan wel naar huis, naar de buis. Iedereen en alles is uitgedost in het oranje. Ik fiets zelf ook naar huis, op weg naar diezelfde buis, bevangen ook door datzelfde oranjegevoel. Naarmate ik meer en meer oranje gekleurde gezelschappen voorbij fiets, rijst bij mij de vraag wat erger zou zijn: geen nieuw kabinet of geen wereldkampioen? Ik ben geneigd te zeggen het laatste! Zodra we maar collectief ergens voor kunnen strijden, samen kunnen juichen, overheerst het gemeenschapsgevoel. Voetbal verbroedert meer dan wat dan ook. Als Khalid Boulahrouz of Ibrahim Afellay aan de bal is, is er niemand die aan twee paspoorten denkt of aan hun loyaliteit twijfelt. Voetbal spreekt een universele taal en benadrukt de saamhorigheid ondanks het feit dat het team samengesteld is uit diverse ego’s van verschillende clubs. En dat voelt goed! Daarom ben ik heel erg blij met de steun van de Tilburgse gemeenteraad aan Willem II, immers deze club vervult een belangrijke rol in de sociale cohesie op lokaal niveau. Dat saamhorigheidsgevoel is ver te zoeken bij de landelijke politieke partijen. De coalitievorming verloopt traag en lijkt meer gedreven door politiek gewin dan wel verlies (kan ik dit wel verkopen aan mijn achterban), dan door de gezamenlijke strijd die BV Nederland te voeren heeft in deze tijd, gekenmerkt door de ene crisis na de andere. Hierin het voortouw nemen vraagt lef en durf, het politieke gewin voorbij. Ik heb nog geen beeld bij wie de handschoen op gaat nemen, en dat is zorgelijk. Ondertussen zit ik zelf voor de buis, juich bij de ‘koninklijke kopbal’ van Arjan Robben. Wat een samenspel, wat een doorzettingsvermogen hebben ‘onze jongens’! Dit gaat lukken, nu alleen nog die finale! Laat onze politici er een voorbeeld aan nemen! Ugur Pekdemir Ugur Pekdemir is voorzitter van Tannet, het Turks Academisch Netwerk. Hij is gastcolumnist in de maand juli. Bron: Brabantsdagblad.nl