Al in november 2016 zijn sporen van het giftige fipronil aangetroffen in Nederlandse eieren. Dat zei de Belgische minister Denis Ducarme (Landbouw) woensdag tijdens een spoedbijeenkomst over de eiercrisis in de Kamercommissie voor Landbouw in Brussel.


Het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) heeft volgens Ducarme op 19 juni om de klantenlijst gevraagd van het Nederlandse bedrijf ChickFriend dat kippenstallen schoonmaakte met een bestrijdingsmiddel waarin fipronil zat. Die kwam op 20 juli. Die dag heeft België de besmetting bij de Europese Commissie gemeld.

Maand verloren

,,We hebben dus een maand verloren om te kunnen testen”, zei Ducarme. ,,En dat is een probleem. Wanneer een land als Nederland, een van de grootste exporteurs van eieren, deze informatie niet overmaakt, dan is dat een groot probleem." Lidstaten zijn verplicht onmiddellijk het Europese waarschuwingssysteem RRASF in te schakelen als ze weet hebben van besmettingen in voedingswaren die de volksgezondheid mogelijk bedreigen.

Zowel in Nederland als België lopen gerechtelijke onderzoeken naar de bedrijven die bij het gifschandaal betrokken zouden zijn. Naast ChickFriend is dat het Vlaamse Poultry-Vision dat de gifstof geleverd zou hebben.

Lotnummers

Het FAVV heeft inmiddels de lotnummers van de besmette Belgische eieren bekendgemaakt. Er is ook een hulplijn in het leven geroepen waar bezorgde consumenten terechtkunnen.

De Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) hoorde pas op 22 juli voor het eerst van de kwestie van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), laat een woordvoerster weten. Bij de NVWA was woensdag niemand bereikbaar voor inhoudelijk commentaar. De ministeries van Economische Zaken en Volksgezondheid wilden niet reageren en verwezen naar de NVWA.
© anp 2017